donderdag, april 05, 2007

Eén dagje skiën (1e zaterdag vd paasvakantie)

Vóór de paasvakantie (één weekje maar, hier) wist ik het niet zo goed… Mijn enige moment op het jaar waarin ik een beetje kon reizen in dit vreemde land, maar anderzijds lag ook dit moment aan sterke banden: de woensdag na de vakantie een examen.
Mee met Valérie en Marie kon ik dus niet, hoewel hun project van een stuk Camino de Santiago de Compostela te stappen me wel aansprak.
Naar huis wilde ik ook niet: te kort, te veel stress (met dat examen dat erbij zat) en die ene kans om híer eens een beetje te reizen.
Het plan om met Siri een aantal dagen naar Andalucía te trekken, viel in het water door veranderende plannen van haar ouders.
Iedereen die ik kende ging naar huis of trok voor lang ver weg: acht dagen Barcelona bijvoorbeeld. Maar zoveel vrijheid kon ik me niet permitteren, met dat digestivo-examen voor de deur.



Tot Aurélie langskwam en bleek dat ook zij nog niet echt iets te doen had in het begin van de paasvakantie. We zouden dan samen een paar daagjes reizen. Eerst nog niet beslist waarheen, later bedacht dat we de prachtkans dat er nu nog sneeuw ligt niet mochten laten liggen. Want zowel zij als ik hadden daar eerder geen tijd voor gehad. Een Belgische geneeskunde erasmus, weet u wel. (In Duitsland kan je er heel gemakkelijk voor kiezen gewoon wat minder vakken te doen. Zo ook in Oostenrijk. En andere richtingen, die hebben buiten de examenperiodes geen examens) Maar dan kwam de paasvakantie daar zo snel aangehold. En realiseerden we allebei dat we eigenlijk wel eerst een rustige Oviedodag hadden (kwestie van ook eens lekker uit te kunnen gaan de avond ervoor) ipv het allemaal rush-rush voor te bereiden.




De driedaagse van vrijdag-zaterdag-zondag werd een ééndaagse van zaterdag, met de eventuele optie om er zondag bij te nemen.


Donderdag, de laatste dag van het tweede trimester, dus met z’n allen naar de Fiesta van Medicina. (Niet zonder eerst nog eens te gaan dansen in de Divino, superchulo. Ben daar zelfs de mensen van mijn dansles tegen ’t lijf gelopen. Eventjes mijn eigen vrienden ontvlucht en met hen mee andere kleine danscafeetjes ontdekt. Superleuk. Ik had het nooit kunnen denken, maar alle momenten die ik hier al gedanst heb, zijn supertof geweest…) Op vrijdag uitgeslapen, en met een fris hoofd alle mogelijkheden opgezocht. (verschillende skigebieden, de busuren,…) Guacamole gemaakt (ik word er goed in) voor het een-hapje-en-een-drankje bij Cristina die avond. Siri geholpen bij de grote boodschappen (Haar ouders zijn op bezoek deze week, en dat wilde ze een beetje voorbereiden). Kortom, een rustige allerlei-dag.


Om dan op zaterdag vroeg-vroeg op te staan, de bus vertrok al om kwart voor 8. (Het piekte toch een beetje. Het hapje-en-drankje was meer uitgelopen dan gepland, de avond ervoor.) Rond 9 uur al in Pájares, tegen half 10 klaar met latten en al om er helemaal voor te gaan. Met het typische oei-dit-is-lang-geleden-gevoel het heuveltje af naar beneden naar de skilift. Een stoeltjeslift… Kou-kou-kou. Ik heb nog nooit zo’n kou gehad tijdens het skiën. De liftjes zelf helemaal vol stukken ijs, vormgegeven door de snijdende wind. Hoe hoger we kwamen, hoe meer we in elkaar doken, en hoe minder we zagen. Witte mist, witte sneeuw, witte lucht. Vreemd is dat. Ineens is alles om je heen wit. Geen idee hoe diep de afgrond onder je is. Een zielige 2 meter? Of 10? Heel zeker iets ertussen, maar het doet raar. Er is een strip van Kiekeboe waarin Konstantinopel ineens in het complete ijle terechtkomt. Alles om hem heen wit. Ik heb aan hem moeten denken. (Eén van de Vantommekes zou moeten weten uit welke strip dat is. Niet?)


Waar ik op de lift vooral last had van de koude (doet echt pijn aan je vingers… Als ik nog eens ga, koop ik toch eens betere handschoenen dan die hele duntjes van een euro uit Bolivië), had ik op de piste zelf vooral last van de ontbrekende zichtbaarheid. Niet weten hoe steil de piste is, noch hoe steil ze wordt. Weten dat je een ijsplek pas zal zien als je met beide benen in de lucht ligt. Ik kon er echt niet mee om. Waar het Aurélie stoorde, maar niet écht hinderde in het genieten van het skiën, werd ik plots op momenten een bang vogeltje. (ja, ik! Voor mij was het ook vreemd, hoor) Al heb ik later die dag de link wel gelegd. Eén keer was ik nog in de bergen, zonder te kunnen zien waar ik mijn voeten zette. Zonder enige zekerheid over de ondergrond onder mijn voeten. Het was donker toen, niet mistig. Maar de essentie is dezelfde. Het is tweeënhalf jaar geleden, maar ik doe nu nog af en toe een dankgebedje dat ik er toen goed ben uitgekomen. Met niks van blijvende schade. Alleen een angst voor onbekende-ondergrond-op-hellingen. Maar daar kan ik mee leven.


We hoopten dat de dag klaarheid zou brengen, maar niets was minder waar. Het zichtbare stukje onderaan de piste werd steeds korter, tot we zelfs ter hoogte van het begin van de lift helemaal geen steek voor ogen zagen. Als het dan later ook begon te sneeuwen, was het helemaal ok: de striemende sneeuw in je gezicht, de mist… Een ervaring die ik niet snel vergeet…


Hoewel ik ook moeite had met die sneeuw in mijn gezicht –ondanks pogingen mijn sjaal voor mijn gezicht te slaan, voelde ik ze striemen. En zag ik steeds minder, door de sneeuw die tegen mijn zonnebril bleef kleven-, had ik deze keer minder moeite dan Aurélie: ik was op z’n minst zeker van de ondergrond: verse sneeuw! Daarop val je niet zo gemakkelijk… En áls je valt, is het toch lekker zacht… Mijn zelfvertrouwen teruggevonden, en Aurélie naar beneden geloodst.
Jammer dat de sneeuw zoveel mensen deed benedenblijven. Ik vond het niet verantwoord naar boven te trekken als we de enige waren én er was veel te veel mist én het sneeuwde doodhard. (Ik heb mezelf ooit beloofd niet meer in van die onverantwoorde situaties te komen J En hoewel ik niet zeker ben of dat wel altijd zal lukken, ik doe mijn best) We zijn dus wat beneden blijven skiën, op een kort pannenkoekenlift-pistetje. En ons superhard geamuseerd, nog. Hoewel dat niet écht skiën is, oefen je toch je vaardigheden op je latten, en krijg je eens de mogelijkheid het achteruitskiën onder de knie te krijgen.


Door de slechte weersomstandigheden al snel beslist dat één dagje wel voldoende was. We hebben genoten van onze dag, ik vermoed dat we er nog nu en dan eens naar gaan verwijzen, maar het was goed geweest. Nog een sneeuwman gemaakt in de verse sneeuw. (correctie: sneeuwvrouw. Ze had borsten), en dan terug de bus op. Tegen 6 uur waren we terug in Oviedo. Daar was ik blij om, want daarmee kon ik nog mee naar de cinema met Laura en Miguel…


Op de foto’s:

Aurelie op de piste, op een splitsing. Eén van de weinige plaatsen met iets van referentiepunten. Meestal was er niets in de aard van dat hekken te zien. Mensen waren niet zichtbaar als ze niet dichter dan 10 meter waren. Meestal voel je je helemaal alleen in de weidse sneeuwvlaktes, al merk je dan ineens dat er superdichtbij een groepje skiërs of snowboarders stond/zat uit te rusten
Ik, trots, met onze sneeuwvrouw. Leuk. De sneeuw plakte niet écht goed (want rollen ging niet) maar wel goed genoeg om veel plezier te beleven tijdens ons laatste uurtje in de sneeuw)

maandag, april 02, 2007

foto's bezoek




Mijn mama,

Langs de noordkust van Spanje...




Leuk. Met de auto de langs de kust gereden, en ineens deze baai ontdekt... Genoten van het zonnetje. (Gelukkig maar, want nu is het al twee weken vooral regen)













Meter,

de kathedraal aan het observeren.

(maar die staat dus niet op de foto, he)























Veerle,
in het Parque San Francisco
(ook al een snelle madam)























Veel nieuws hoort daar niet bij:

het deed deugd Nederlands te spreken en bij mensen te zijn die me al langer kennen dan 6 maanden. Bij mensen die me hebben weten groeien, die niet alleen weten wie ik ben, maar ook wie ik was. En dat laatste heeft een grote invloed op het eerste.